Hoe vertel je dat het mentaal niet goed gaat? Het klinkt zo simpel. “Zeg het gewoon.” Maar als het niet goed gaat, is juist dát vaak het moeilijkste wat er is. Misschien weet je zelf niet eens precies wat er aan de hand is. Misschien voel je vooral leegte. Of onrust. Of vermoeidheid die niet weggaat. En ondertussen zeg je automatisch: “Het gaat wel.” Omdat dat makkelijker is. Sneller. Minder ingewikkeld. Toch kan het moment komen waarop je voelt: ik trek dit niet meer alleen.
Waarom het moeilijk is om te zeggen dat het mentaal niet goed gaat
Wanneer je somber bent of tegen een depressie aanloopt, verandert niet alleen je stemming, ook je gedachten veranderen. Je gedachten kleuren hoe je naar jezelf kijkt én hoe je denkt dat anderen naar jou kijken. Ze maken het vragen om hulp zwaarder dan nodig is.
Je kunt gaan denken:
- Ik stel me aan.
- Anderen hebben het erger.
- Ik wil geen last zijn.
- Ze begrijpen het toch niet.
Deze gedachten voelen vaak overtuigend, maar ze zijn geen objectieve waarheid. Ze zijn gekleurd door hoe jij je op dat moment voelt. En juist omdat ze zo echt lijken, houden ze je stil. Ze zorgen ervoor dat je blijft relativeren, wegwuiven of wachten tot het “erg genoeg” is. Je hoeft niet eerst volledig vast te lopen voordat je iets mag zeggen. Dat het moeilijk voelt om het uit te spreken, betekent niet dat het niet nodig is. Het betekent vaak juist dat het tijd is om het niet langer alleen te dragen.
Hoe vertel je dat het mentaal niet goed gaat, en aan wie?
De vraag is niet alleen of je het vertelt, maar ook aan wie. Dat hangt samen met de last die je draagt en wat je op dit moment nodig hebt. Heb je vooral behoefte aan emotionele steun? Aan praktische hulp? Aan professionele begeleiding? Door daar eerst even bij stil te staan, wordt de keuze vaak iets duidelijker. Toch zijn er drie plekken die vaak belangrijk zijn om niet buiten te sluiten: je huisarts, je werk en je partner of familielid. Je huisarts omdat die kan meedenken over passende hulp en behandeling. Je werk omdat mentale klachten invloed kunnen hebben op je belastbaarheid. En je partner of een familielid omdat die vaak het dichtst bij je staat en een belangrijke steunbron kan zijn.
Dat betekent niet dat je alles tegelijk moet delen of overal even open over hoeft te zijn. Maar wanneer de last groter wordt, kan het helpen om juist op deze drie gebieden ruimte te creëren. Niet om jezelf bloot te geven, maar om te voorkomen dat je alles alleen blijft dragen.
Hoe bespreek je depressieve klachten met je huisarts?
Een gesprek met je huisarts kan spannend zijn. Zeker als je bang bent dat je emoties je overvallen of dat je niet goed kunt uitleggen wat er speelt. Het helpt om vooraf een paar punten voor jezelf op te schrijven: hoe lang je je somber voelt, welke klachten je ervaart en wat dit betekent voor je dagelijks functioneren. Misschien twijfel je of je “het wel goed benoemt”. Maar je hoeft geen diagnose te stellen voordat je naar de huisarts gaat. Dat is niet jouw verantwoordelijkheid. Je hoeft alleen te delen wat je ervaart en wat je belemmert. De huisarts helpt vervolgens om samen te kijken wat er speelt en wat helpend kan zijn. Je mag wel delen wat je vermoedt.
Bijvoorbeeld:
“Ik vraag me af of ik misschien depressieve klachten heb, omdat ik me al weken somber en uitgeput voel.” Of: “Het gaat al een tijdje niet goed met me en ik maak me zorgen.”
Je hoeft geen compleet verhaal te hebben. Een huisarts is gewend om over mentale klachten te praten. Je hoeft je niet sterk te houden of alles te relativeren. Hoe eerlijker je bent over hoe het écht gaat, hoe beter er met je meegekeken kan worden naar passende hulp.
Hoe vertel je op je werk dat het mentaal niet goed gaat?
Op werk ligt het vaak gevoeliger. Misschien ben je bang voor oordeel, voor gevolgen of voor het idee dat je minder betrouwbaar overkomt. Het is belangrijk om te weten dat je niet verplicht bent om alles te delen. Werk is werk. Je hoeft daar niet je hele persoonlijke verhaal te delen. Wat wél helpend is, is het gesprek voeren vanuit verantwoordelijkheid. Dat betekent: je benoemt het probleem en denkt mee over een oplossing.
Bijvoorbeeld:
“Ik merk dat mijn energie de laatste tijd lager is en dat dit invloed heeft op mijn concentratie. Ik wil graag bespreken hoe we mijn werkdruk tijdelijk kunnen aanpassen zodat ik mijn taken goed kan blijven uitvoeren. Ik heb zelf een paar voorstellen en ik hoor graag hoe jij hiertegen aankijkt.”
Je hoeft geen diagnose te noemen als je dat niet wilt. Het doel is niet om je hele verhaal te vertellen, maar om ruimte te creëren. Denk aan mogelijke aanpassingen zoals tijdelijk minder taken, andere deadlines, prioriteiten herzien of gedeeltelijk thuiswerken. Kies bij voorkeur een leidinggevende of HR-persoon bij wie je je relatief veilig voelt. Aangeven dat je tijdelijk minder belastbaar bent, is professioneel handelen. Door tijdig het gesprek aan te gaan, voorkom je dat klachten verergeren en dat je uiteindelijk helemaal uitvalt.
Hoe vertel je aan je partner en/of familielid dat je je somber voelt?
Je partner of familielid ziet misschien al dat er iets speelt, maar dat maakt het niet automatisch makkelijker om het uit te spreken. Soms ben je bang om de ander te belasten. Of om onbegrip te krijgen. Of om toe te geven dat je last hebt van somberheidsklachten en het echt niet goed gaat. Het kan zijn dat de ander meteen in de oplossingsmodus schiet, adviezen geeft of dingen wil regelen. Dat is vaak goed bedoeld, maar niet altijd wat je op dat moment nodig hebt. Het helpt om daar eerlijk over te zijn.
Geef aan wat je op dat moment nodig hebt. Misschien wil je het eerst gewoon delen, zonder dat er meteen oplossingen komen. Of misschien zou het juist helpen als iemand je praktisch ondersteunt, bijvoorbeeld door taken over te nemen. Het kan ook zijn dat je vooral behoefte hebt aan iemand die even luistert. Door dit hardop te benoemen, voorkom je misverstanden en geef je de ander de kans om je te steunen op een manier die voor jou helpend is.
Als praten te groot voelt, kun je ook klein beginnen:
- een appje sturen dat je wilt praten over waar je tegenaan loopt
- een briefje schrijven met hoe je je voelt en waar je last van hebt
Het gaat niet om de perfecte vorm. Het gaat om de eerste opening.
Wat als je bang bent voor de reactie?
Die angst is begrijpelijk. Misschien ben je bang dat iemand het wegwuift. Of dat ze schrikken. Of dat je ineens ‘degene met problemen’ wordt. Maar in een gezonde omgeving gebeurt iets anders. Vaak ontstaat er juist ruimte. Begrip. Opluchting. En zelfs als iemand niet meteen goed reageert, betekent dat niet dat je het niet had mogen zeggen. Het zegt iets over hun reactie, niet over jouw recht om gehoord te worden. Het feit dat je hulp nodig hebt, betekent niet dat je faalt. Het betekent dat wat je draagt zwaar is. Soms begint verandering niet met een oplossing, maar met één eerlijke zin.