Leven met een obsessieve compulsieve stoornis

Mensen met een obsessieve compulsieve stoornis leven vaak in een constante spanning die voor anderen moeilijk zichtbaar is. Van buiten lijkt het soms overdreven of onlogisch. Maar van binnen voelt het niet zo. Je weet soms heel goed dat je gedachten niet kloppen. Dat het niet nodig is om nóg een keer te controleren. Dat er eigenlijk niets gaat gebeuren. En toch voelt het alsof je geen keuze hebt. Alsof er iets in je hoofd blijft aandringen, trekken, herhalen, net zo lang tot je toegeeft. Niet omdat je dat wilt. Maar omdat de spanning anders te groot wordt.

 

Wat is OCS?

Een obsessieve compulsieve stoornis (OCS) is een psychische aandoening waarbij je last hebt van terugkerende, ongewenste gedachten en handelingen of rituelen. Die gedachten komen niet zachtjes binnen. Ze dringen zich op en blijven hangen. Ze laten je niet los en nemen een groot deel van je dag in beslag. Hoe harder je ze probeert weg te duwen, hoe sterker ze vaak terugkomen. De handelingen die je vervolgens uitvoert, zijn geen gewoontes. Ze voelen noodzakelijk. Alsof ze iets moeten voorkomen. Alsof er anders iets misgaat. Veel mensen denken dat OCS vooral draait om veel schoonmaken of alles netjes en op alfabetische volgorde willen hebben. Maar dat is maar een klein deel van het verhaal.Wat er echt speelt, zit van binnen.

Het kan voelen als:

  • een constante twijfel
  • een knagend gevoel dat iets niet klopt
  • angst dat je iets ergs veroorzaakt, zonder dat je dat wilt
  • een druk in je hoofd die pas afneemt als je iets doet

Obsessies: gedachten die blijven hangen

Obsessies zijn gedachten die je niet wilt hebben, maar die toch steeds terugkomen. Deze gedachten kunnen heel heftig zijn. Juist omdat ze zo botsen met wie je bent, voelen ze beangstigend en verwarrend. Bijvoorbeeld gedachten zoals de angst dat je iemand iets aandoet, terwijl je diep van binnen juist weet dat je dat nooit zou willen. Of knagende twijfels dat je iets belangrijks bent vergeten, hoe vaak je het ook hebt gecontroleerd. Soms zijn het gedachten die totaal niet passen bij wie je bent, zoals agressieve, seksuele of religieuze beelden, die juist daarom zo verwarrend en beangstigend kunnen voelen. Ook kun je last hebben van een constante angst voor ziekte, fouten of rampen, of een hardnekkig gevoel dat iets niet klopt of niet compleet is. Alsof er iets mis is, zonder dat je precies kunt aanwijzen wat.

Compulsies: acties om de spanning te verminderen

Om met de spanning van je gedachten om te gaan, ga je dingen doen. Niet omdat je het wilt, maar omdat het even oplucht. Maar die rust is tijdelijk, daarna begint alles weer opnieuw. Bijvoorbeeld steeds opnieuw controleren of de deur echt op slot zit, zelfs als je net nog hebt gekeken. Of je handen blijven wassen, omdat het even rust geeft, maar nooit schoon genoeg voelt. Soms ben je bezig met dingen rechtleggen of herschikken, net zo lang tot het eindelijk “goed” voelt, al is dat gevoel vaak maar van korte duur. En het kan zich ook in je hoofd afspelen, zoals blijven tellen, zinnen herhalen of eindeloos analyseren, in een poging om de onrust onder controle te krijgen.

 

Hoe OCS je wereld langzaam kleiner maakt

Wat begint met “even checken” kan langzaam uitgroeien tot uren per dag bezig zijn met controleren. Wat begint met “even wassen” kan veranderen in rituelen die steeds meer ruimte innemen, tot ze uiteindelijk je dag gaan bepalen. Daardoor kan je wereld ongemerkt kleiner worden. Je zegt vaker dingen af, stelt taken uit en merkt dat je steeds minder energie overhoudt. Niet alleen door wat je doet, maar ook door wat er constant in je hoofd gebeurt. Het kan voelen alsof je moe wordt van je eigen gedachten.

En vaak komt daar nog schaamte bij kijken. Omdat je ergens weet dat het niet logisch is, maar het toch zo echt voelt. En omdat je bang bent dat anderen het niet begrijpen, of dat je het niet goed kunt uitleggen. Misschien wel het belangrijkste om te weten: De gedachten die je hebt, zeggen niets over wie je bent. Juist het feit dat ze je zo raken, laat zien dat ze niet bij je passen. Je brein probeert controle te houden. Veiligheid te creëren. Alleen werkt die manier op de lange termijn tegen je.

Leven met obsessieve compulsieve stoornissen

Leven met OCS kan zwaar zijn, maar het betekent niet dat het zo moet blijven. Met de juiste behandeling en begeleiding kun je leren om anders om te gaan met je gedachten, de drang tot handelen stap voor stap te doorbreken en weer meer ruimte te voelen in je hoofd. Niet door te vechten tegen jezelf, maar door te begrijpen wat er in je gebeurt en daar op een andere manier mee om te gaan. Veel mensen met OCS hebben geleerd om beter om te gaan met de uitdagingen die de aandoening met zich meebrengt, en die mogelijkheid is er ook voor jou.En misschien nog wel het belangrijkste: je hoeft dit niet alleen te doen.

 

Je bent hier niet voor niets

Alleen al door dit te lezen zet je een eerste stap. Herken je jezelf hierin? Dan kan het helpen om te onderzoeken wat er speelt. Ervaar je daarnaast klachten zoals somberheid, weinig energie of verlies van interesse? Dan kan rTMS een mogelijke volgende stap zijn.

Benieuwd of rTMS bij je past?

Vul een paar vragen in en ontdek of rTMS een passende optie voor jou kan zijn.

Herken je dit bij jezelf?

Krijg inzicht in wat een depressie is en hoe je het bij jezelf kunt herkennen.

Misschien ook interessant

Tijdens Mental Health Awareness Month wordt extra aandacht gevraagd voor psychisch welzijn, mentale klachten en het doorbreken van stigma’s rondom hulp zoeken. Hoe kan jij deze maand gebruiken om beter voor je mentale gezondheid te zorgen?
Jezelf vergelijken lijkt onschuldig, maar kan ongemerkt overgaan in zelfveroordeling. Wat er dan gebeurt, zegt vaak minder over de ander en des te meer over hoe jij diep vanbinnen naar jezelf kijkt.
Er wordt vaak gezegd dat je je emoties moet “reguleren”. Dat je rustiger moet reageren of jezelf beter “onder controle” moet houden. Maar zo werkt emotieregulatie niet. Het gaat niet over minder voelen, het gaat om kunnen voelen wat je voelt en dat uiten op een gezonde manier.